Gedichtenwedstrijd 2009

Het thema van de Gedichtenwedstrijd 2009 was "verandering". De prijsuitreiking vond plaats op 13 mei 2009.
Hieronder volgen een aantal foto's en het juryrapport, waarin de zes winnende gedichten.
 

   

 

Foto's: Chris Wijmans
 
Voor de complete set foto's, KLIK HIER.

 

Juryrapport Gedichtenwedstrijd georganiseerd door Sectie Letteren van de Culturele Raad Papendrecht en opgesteld en voorgelezen door juryvoorzitter Piet Kaptein.

Geachte minnaars van de muze der dichtkunst,

Namens medejuryleden Frans Spaanstra en Hans Verzijl mag ik u verslag doen van de bevindingen van de jury die de gedichten ingezonden in het kader van het thema 'Verandering’, dat een knipoog wil zijn naar de door  president Barack Obama gehanteerde slogan van ‘Change’. Als eersten mochten wij  lezen en vervolgens moesten wij beoordelen.

In de 13e eeuw, u hebt het reeds in weekblad Het Kontakt kunnen lezen , begon de waarschijnlijke dichter van de legende Beatrijs, Diederic van Assenenede, zijn Maria mirakel als volgt. 'Van dichten comt mi cleine bate. Die liede raden mi dat ick late ende minen sin niet en vertare.' Dus met 'Het maken van gedichten levert me weinig op. De mensen adviseren mij ermee op te houden en mijn geest niet af te tobben.' De dichter vervolgt dan met de mededeling dat hij ter wille van Maria die en moeder en maagd is gebleven toch een schoon wonder gaat beschrijven.

Nu zoveel eeuwen later kunnen wij hier in de bibliotheek tegen elkaar zeggen dat het maken van poëzie materieel gewin oplevert, want over enkele minuten zullen bonnen met een totale waarde van 230  euro door voorzitter sectie Letteren, Frans Spaanstra,  aan de makers van zes gedichten overhandigd worden.

Heel opvallend maar tegelijkertijd voor de hand liggend is, dat veel van de 28 ingezonden gedichten over de liefde gaan, die dan al of niet aanwezig is. Het gemis aan liefde of de presentie van liefde doet wat met de mensen. En dat is al heel lang zo, zo lang als de Nederlandse dichtkunst bestaat en dat is al negen eeuwen.

Begin 12e eeuw probeerde immers  een Vlaamse monnik in de Engelse abdij van Rochester zijn pen, beter: zijn ganzenveer, uit. Hij schreef op het schutblad van een boek in het Latijn dichtregels in zijn moedertaal. 'Hebban olla vogala nestas hagunnan hinase hic enda thu wat unbidan we nu'.  De verliefde broeder schreef aan zijn min: 'Hebben alle vogels nesten begonnen (te bouwen) behalve ik en jij waarop wachten wij nu'. Het is toch opmerkelijk en veelzeggend dat de in 1933 in Oxford gevonden oudste literaire regels in het Nederlands gaan over de liefde, die mensen in beweging brengt, hen verandert.  De geschiedenis van onze literatuur begint dus met een loflied op Amor. En dat is al die eeuwen daarna doorgegaan, die amoureuze dichtkunst.

Zo dichtte Jan Moritoen in de 14e eeuw 'Egidius, waer bestu bleven?', P. C. Hooft in de 17e eeuw 'Geswinde grijsart', Willem Kloos in de 19e eeuw 'Ik ween om bloemen in den knop gebroken',  in de 20ste eeuw Hendrik Marman 'De zon en de zee springen bliksemend open', in dezelfde eeuw Jan Engelman  'Ambrosia, wat vloeit mij aan?' en in onze eigen 21ste eeuw, op aangeven van de sectie Letteren van de Stichting Culturele Papendrecht,  vaak rijk getalenteerde dichters, van 9 tot 71 jaar, met 28 gedichten.

Het thema 'Verandering’  sprak ook  de leden van de jury zeer aan. Om maar bij mezelf te blijven: voetbal gaf steeds een andere wending aan mijn leven. Ik beleefde ups en downs via onze drie voetballende zoons Muel, Time en Briam. Prettige en nare ervaringen van om en in het veld vertrouwde ik destijds aan het papier toe. Enkele daarvan zijn gepubliceerd in ‘Hard Gras’ en in ‘Zeg eens bal’. Drie geef ik u nu door en ik vermeld daarbij dat ik vaak in de huid van de jongens kroop.

 

Zinloos.
 

Tegen Nieuwerkerk B
speelden wij
op een mooie mei - avond
1985
een wedstrijd
voor een plaats in de klasse regionaal.
Het duel bleek achteraf
zonder zin,
De tegenstander had zich
zonder meer al geplaatst.
In de rust liepen wij
langs de kantine
waar de televisie beelden vertoonde
van een andere wedstrijd
Juventus - Liverpool,
die nog niet begonnen was.
Wij zagen dat er
oorlog
op de tribunes was.
Doden en gewonden werden
weggedragen.
Het voetbalgevecht
tussen de lijnen
ging later toch door.
En was
echt zinloos.

 

Han Hollander.

 

Ik kijk naar een
zwart - wit foto 
met daarop een oudere man
die achter een grote microfoon 
in een kastje 
op een statief
staat te zeggen wat hij ziet. 
Eronder lees ik 
‘Han Hollander, de pionier van het gesproken 
voetbalverslag, viel ten offer aan de Duitse 
terreur. Zijn nagedachtenis zal in hoge ere 
blijven bij alle luisteraars die van zijn vloeiende 
reportages hebben kunnen genieten.
Van mijn vader hoorde ik
dat Hollander een jood was.
Dus daarom
en
zomaar.

 

Dirk Kwakernaak.

 

Het is zaterdagmorgen.
In mijn bed verheug ik me
op de wedstrijd van vandaag,  
tegen het altijd sterke Sliedrecht.
Op het tuimelraam
vallen grote druppels. 
Ik krijg een onrustig gevoel. 
Een uur later is er door de telefoon
de bruine stem van
Dirk Kwakernaak, de terreinchef.
Alles ligt er uit
is de boodschap
Deze dag
zonder bal zonder Sliedrecht 
zal heel lang gaan duren.
 

Voordat wij naar de uitslag gaan nog even dit. In de krant stond een paar weken terug dat ik veel waarde hecht aan de originaliteit van gedichten. Ik noemde toen als voorbeeld Lucebert en Hanlo. Hun gedichten zelf konden echter niet opgenomen worden. Lucebert De  had een hekel aan de sonnettenmanie van de Tachtigers en maakte toen zelf dit sonnet.
 

Sonnet.

 

ik
mij
ik 
mij

 

mij
ik
mij
ik

 

ik
ik
mijn

mijn


mijn
ik.

 

Hanlo was ook origineel met dit gedicht dat in maart ook figureerde in de Boekenweek met het motto Tjielp.

 

De mus.

 

Tjielp tjielp – tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp – tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp tjielp
tjielp tjielp tjielp
Tjielp, etc.

 

Niet alle 28 gedichten vallen in de prijzen. Doorgaans om de doodeenvoudige reden dat de klanken van een reeks poëtische vruchten niet tot de oren van de drie juryleden doorklonken.  Deze gedichten zal, naar het zich laat aanzien,  helaas niet een lang openbaar leven beschoren zijn.

 

Wel was het een onverdeeld en groot genoegen de gedichten te lezen, die van heinde (Papendrecht en Alblasserdam) en verre (Amsterdam, Utrecht en het Belgische Brakel) kwamen.  Vele versregels bleven in ons hangen, of beter nog: in ons rondzingen. Zo  verblijven in mijn gemoed uit binnengekomen gedichten versregels als: ‘Jij werd voor mij een vallende ster’ van Ruud Walis, ‘Maar morgen morgen zie ik alles in kleur’ van Damien Kanthasamy‘, ‘Zelfs bomen sturen kleine bloesems weg, laten sporen na’ van J.C. A. Winnen en de haiku ‘De glasbak: stoere schildwacht van het breekbare, Onwetend wat komt?’ van C.F. Snoek.

 

De winnende gedichten nu. Ik begin met de drie jongelui uit de categorie onder de negentien.

 

Op de derde plaats is geëindigd Lisa Geluk uit Hendrik-Ido-Ambacht, negen  lentes jong. Zij krijgt de prijs doodeenvoudig omdat zij zo’n gevoelig en persoonlijk gedicht geschreven heeft over het verjaarsfeest van haar oma.

 

Gezellig oma, 
dat u feest viert.
Even iets pakken uit de la,
de ballonnen en een verjaardagssliert.
Kom we doen een leuk spel,
u mag zeggen wat we doen.
Misschien het spelletje met de bel,
of een potje familie-poen.
Leuk hoor oma,
uw fette feest.
Dit filmt mijn moeder nog even na,
als ik deze dicht voorleest.
Eigenlijk is het best een beetje eng, 
dit gedicht voorlezen.
Voor mijzelf ben ik best een beetje streng,
ja dat zal het wezen.
Ik wens u nog een fijne dag,
vooral met het feest.
Met een vrolijke lach,
dat wil ik zien het meest.
Voor dat ik buig,
krijgt u nog een kus.
Ookal vindt u mij dan niet zo ruig,
dit is een dicht van Siem z’n zus.

 

Plaats twee is voor Koen Smit van vijftien uit Alblasserdam. Zijn gedicht over de wisseling der seizoenen krijgt een extra laag door die verandering een geestelijk lading te geven.

 

Anders

Omdat in de herfst altijd blaadjes vallen,
omdat er in de winter altijd koude dagen zijn,
omdat in de lente bloembollen zich altijd ontplooien, 
en omdat het in de zomer altijd warmer wordt,

 

is verandering constant
Maar verandering is ook anders,
als het openen van gesloten deuren in het leven,
op zoek naar een nieuwe horizon,
die met verkeerde sleutels wordt begrepen.

 

Was ik dan toch maar anders.

 

Het beste gedicht dit jaar van de categorie tot en met 18 is van Hiltje Bosma  uit het Friese Zwagerbosch. Het gaat over de liefde en vooral de slotverzen ‘Want zeg nooit ooit Want ik zou eeuwig huilen’ spreken mij aan. Hiltje is een talent dat we mogen en moeten koesteren.

Zeg nooit ik hou van je
Als je ’t niet zeker weet
Praat niet over gevoelens
Als je twijfelt of ze echt zijn
Als je niet van plan bent te beginnen
Te beginnen aan een ander leven
Een leven met liefde
Met misschien zelfs een gezin
Want mijn hart zou je breken
Door te zeggen dat je gaat
Kijk daarom niet in mijn ogen 
En wil daarom niet alles alleen doen
Want zeg nooit ooit
Want ik zou eeuwig huilen

 

Nu de categorie volwassenen.  De jury kwam ook nu weer  tot drie prijzen: een derde, een tweede en een eerste.

 

Mevrouw Alie Kwakernaat-Tammenga uit Papendrecht veroverde een derde plaats met haar prachtige, welluidende en ontroerende  gedicht ‘Verandering’ Alie u schreef een brok poëzie over het ouder worden wat wel eens problematisch kan zijn. In uw vers verhuist een ouder paar noodgedwongen naar een ander en klein onderkomen. Vooral de laatste zin: ‘Kijk pa, we zijn thuisgekomen’ deed mij veel.

 

Verandering

 

Ze liepen gearmd door de lange gang,
een groet uit de verte, een laatste handdruk, beiden wat kromgebogen bang,
op weg naar het laatste geluk.

 

Het afscheid van hun huisje was genomen,
niet alle meubilair was voor hen passé,
maar blij dat er toch een plekje vrij was gekomen,
de herinnering droegen ze in hun harten mee.

 

Zij draait zich om en vraagt: ‘komen jullie er zo aan?’
en zwaait naar ons, tot zo dan maar.
Ze lopen door, ze moeten verder gaan
naar hun nieuwe huis, de gang is zwaar.

 

De meubels zijn al weggedragen
en wij die op de drempel staan,
zitten ook met heel veel vragen,
over hoe het nu verder zal gaan.

 

In het nieuwe wordt het huisraad neergezet.
Er wordt geschikt en veel gemeten.
Op loop- en leefruimte wordt gelet,
het moet daarbij ook nog gezellig heten.

 

Wij zijn gereed en dan komen ze binnen.
Verrast en nieuwsgierig wordt alles opgenomen,
klaar om weer opnieuw te beginnen:
‘Kijk pa, wij zijn thuisgekomen.’

 

Bert van der Meiden, alias Bert Lock uit Papendrecht is met zijn sonnet ‘Fokker’ op plaats twee geëindigd. Bert behaalde in 2005, toen ‘Leven aan het water’ het thema was, de eerste  prijs. ‘Groeten uit Hoenderloo’ schreef hij toen. Nu stuurde hij een gedicht van veertien rijmende versregels over de verandering in je leven veroorzaakt door de teloorgang van een eertijds befaamd en beroemd bedrijf. Zijn sonnet loopt als een trein, als een tierelier. En er zit nog een boodschap in ook.

 

FOKKER

 

Ach, natuurlijk was er een sociaal plan,
Men sprak van ‘doorstart’, ‘een nieuwe setting’
De industriebonden likten hun wonden van
Verloren stakingen en bedrijfsbezetting

 

En ja, de eerste maanden waren traag als stroop
Het nerveuze wachten op een verlossend telefoontje
Je leefde voortdurend tussen vrees en hoop
Wordt het een uitkering of een hongerloontje?

 

Nou goed, alles beter dan zitten op je luie krent
Zo’n vroege krantenwijk, je raakt er aan gewend
Niet wat je noemt een flitsende carrière

 

Nu nog, in weerwil van ’t vervliegen van de tijd
Overschreeuwt mijn hart met wroeging en vol spijt
De keren dat een F-16 afrekent met de geluidsbarrière

 

De eerste plaats is voor Angela van der Sluis uit Utrecht  en dat vanwege haar sterke gedicht 'Mentor’. Ook Angela mochten wij hier eerder ontmoeten en wel vorig jaar toen zij eveneens als eerste finishte, met haar gedicht van veertien verzen: ‘Première’. Nu kwam zij tot dertien regels. Haar ‘Mentor’ is naar vorm en naar inhoud een beauty. Er staat geen woord te veel in. Want dichten is ook de kunst van het weglaten.

 

Mentor

 

We zeiden tot ziens,
Het was vaarwel.
Een luchtig afscheid
Met een zwaar gemoed.
Ik had nog zoveel vragen
Die je zwijgend beantwoordde.
Ik wilde zoveel zeggen
Maar zag mijn woorden al
Weerspiegeld in je ogen.
We vertrokken
In tegenovergestelde richting.
Je bent niet in mijn leven,
Maar onvoorwaardelijk in mijn hart.

 

Beste mensen, de jury was en is onder de indruk en de bekoring van de ingezonden gedichten. De kwaliteit was vaak hoog. Het thema 'Verandering’ is een bron van inspiratie gebleken. Hopelijk gaan de zes door ons geselecteerde gedichten een lang leven  tegemoet. En de andere 22 mogen van mij dat  ook, want wie schrijft die blijft … bezig.

 

Postadres

Postbus 1112
3350 CC Papendrecht
078-7706308 (di en do)
Bezoekadres

Gemeente Papendrecht
Markt 22
3351 PB Papendrecht