Gedichtenwedstrijd 2007

GEDICHTENWEDSTRIJD 2007

 

Het thema van de Gedichtenwedstrijd 2007 was "theater". De prijsuitreiking vond plaats op 28 maart 2007.
Hieronder volgen de acht winnende gedichten: vier in de categorie tot 19 jaar, vier in de categorie volwassenen. Onder de gedichten staat het juryrapport.

 

1e  Prijs Jeugd: Wintertoneel
 

Als het licht uitgaat, hangt vrieskou zich aan huizen. 
Kippenvel omvat klappertandend de straten 
die met een gevederde lichtheid het doolhof 
van een stad vormen. Verwaarloosbaar vaak koprolt 
 
de stad zich in onze oren. We horen mensen praten 
en slapen in donkere kamers en wij doen mee 
op banken in onze kale parken. In diffuus licht 
speelt de avondhemel achtergrond, de huizen attribuut.
 
Wij wanen ons in een wintertoneel
dat zich niet afspeelt op een podium: 
 
we zijn slechts figuranten in een handgeschreven boek. 
 

Ingeborg Klarenberg (18 jaar) 

 

2e Prijs Jeugd: Theater

 

Achter de coulisse draait het schouwspel
Echoën weerklinken harder dan verwacht
Het draaiboek fluistert zachtjes zinnen
Uitgesproken woorden vallen zomaar uit elkaar
Een uitgeputte windvlaag tocht door alle kieren
Plots houdt het op en is alles weer normaal.


Koen Smit (13 jaar)


3e Prijs Jeugd: Mijn leven is theater

 

MIJN LEVEN IS THEATER
SOMS STA IK OP HET PODIUM
SOMS STA IK ACHTER HET DOEK
DAN MOET IK ME VERSCHUILEN
DAT KAN NIET IN EEN HOEK

MIJN LEVEN IS THEATER
ALS IK OP HET PODIUM STA
LAAT IK ME HELEMAAL GAAN
MAAR AF EN TOE OOK NIET
SOMS HEB IK VERKLEEDKLEREN AAN
EN ZIEN DE MENSEN NIET WIE IK ECHT BEN
IK WEET EIGENLIJK OOK NIET OF IK MEZELF WEL KEN
BEN IK DIE ENE MET VERKLEED KLEREN OF NIET?
EN GEEFT HET GELUK OF JUIST VERDRIET?

MIJN LEVEN IS THEATER
JE BELEEFT ALTIJD NIEUWE DINGEN
OF HEEL LANG HETZELFDE
JE WEET OOK NIET WAT ER GAAT KOMEN
MAAR WAT ER OOK GEBEUREN GAAT
IK WEET ALTIJD DAT IK EVEN LATER WEER
…….. IN HET THEATER STA

MIJN LEVEN IS THEATER
IK SPEEL TONEEL
AF EN TOE WEINIG, AF EN TOE VEEL
WANT MEZELF ZIJN IS SAAI

MIJN LEVEN IS THEATER
JE MOET EERST LEREN VOORDAT JE IETS GOED KAN
JE WEET NIET WANNEER ER IETS MIS GAAT EN DAN?
ALS ER TOCH IETS MIS GAAT IS DAT PECH
DAN BEN IK WEER EVEN VAN HET PODIUM WEG ….

 

Eva Romijn (12 jaar)


4e Prijs Jeugd: Problem Girl

 

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Weet iemand wat ze werkelijk voelt,
Of blijft dat ongehoord?

Vroeger stond ze vaak alleen,
Vriendinnen lieten haar in de steek,
Niemand die ze iets vertellen kon,
Zo ging het iedere dag, zo ging het iedere week.

Langzaam raakte ze eraan gewend,
Liet haar gevoelens niet meer blijken,
Keerde zich voor hulp naar zichzelf,
En begon hierdoor af te wijken.

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Weet iemand wat ze werkelijk voelt,
Of blijft dat ongehoord?

Toch kreeg ze weer vriendinnen,
Langzaam begon het beter te gaan,
Vriendinnen krijgen haar weer lachend,
En zetten zo de gevoelens weer aan.

Nog steeds durft ze niet alles te vertellen,
Haar innerlijke gevoelens en gedachten,
Bang om anderen te kwetsen,
En krijgt hierdoor zelf, lange nachten.

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Weet iemand wat ze werkelijk voelt,
Of blijft dat ongehoord?

Het meisje durft het haar ouders niet te zeggen,
Bang als ze is voor boos commentaar,
Probeert alles weer te verbergen,
Maar staat wel altijd voor haar vriendinnen klaar.

Ze wendt zich tot haar engel,
Zoekend voor troost in de nacht,
Haar problemen vertellen in vertrouwen,
Bij wie ze zich veilig acht.

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Weet iemand wat ze werkelijk voelt,
Of blijft dat ongehoord?

Het meisje twijfelt de hele tijd,
Doe ik het wel goed, doe ik wel het juiste?
Bang om verkeerd te doen,
Bang voor boze vuisten.

Eindelijk vertelt ze haar vriendinnen,
Dat ze ergens mee zit,
Doodsbenauwd vertelt ze een deel van haar problemen,
En ze merkt op, dat er niemand op haar vit.

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Weet iemand wat ze werkelijk voelt,
Of blijft dat ongehoord?

Haar vriendinnen luisteren naar haar verhaal,
Tussendoor helemaal stil,
Uiteindelijk hun vriendin te troosten,
En tonen zo hun goede wil.

Nu heeft ze een deel van haar problemen verteld,
En ze weet dat haar vriendinnen er voor haar zijn,
Samen proberen ze een oplossing te vinden,
Maar nog steeds voelt het meisje zich klein.

Het meisje dat zo vaak stil is,
Thuis zegt ze bijna geen woord,
Voor een tijdje weet iemand hoe ze zich werkelijk voelt,
Voor een tijdje wordt ze gehoord.

 

Nicole Munneke (15 jaar)


1e Prijs Volwassenen: Première

Vanavond zal ik stralen,
morgen zal mijn licht gedoofd zijn.
Vanavond ben ik adembenemend,
morgen weer gewoon.
Vanavond zal je kijken,
morgen ben ik weer onzichtbaar.
Vanavond ben ik alles,
morgen niets.
Vanavond zal ik de engel spelen,
morgen zal ik mens zijn.
Vanavond ben jij de dromer
en ik de droom.
Vanavond is toneel,
morgen werkelijkheid.

 

Angela van der Sluis


2e Prijs Volwassenen: Wisselend belicht

 

LANGS DE RIVIER / BANKJES OVERAL

UITZICHT OP / KIJKEND NAAR

VERGANE GLORIE / HERNIEUWD ELAN

GERAAMTEN VAN TOEN / WOONTOREN VAN NU

KALE VLAKTEN / OUDE GEVELTJES

GROTE KERK / DRAAIENDE MOLEN

OUDE SCHEEPSHELLINGEN / VARENDE SCHEPEN

STROMEND WATER / KRIJSENDE MEEUWEN

WANDELAARS / STILTE

WISSELEND LICHT / FASCINEREND THEATER

 

Henry Vervoorn


3e Prijs Volwassenen: Huiskamertoneel

 

Mijn broertje is zes en is Jantje
ik acht de Verteller en verderop
de prijzende lovende Vader
de plumeau naast de poepdoos
van hout werd een Pruimenboom
in het kleine oude huisje
van onze Opoe jarig vandaag
zondagmorgen
in de kamer van koffie en koekjes
vertederde tantes gepermanent
in de geur van Keuls water
Ooms rokend hun bollige bruine sigaar
Hofnar – Flor Fina –
in gezichten als oude gravures
Opoe kleine weduwe in zwart
hakend hakend hakend
wit garen dansend dansend
het langzaam slinkende bolletje
in rieten mandje
het is zondag
in een eeuw eerder dan deze
en mijn broertje en ik
spelen de pruimen van de boom
moeder leeft mee vader waardeert
twee kleine acteurs in een smal
theater toen
schiepen we riepen wij op
een hof van vrede
een gaarde van gras en aarde
vrucht dragende groengroeiende bomen
naar blauw rondom de zon
een tuin vol licht
waar wandelen Vader en Zoon
en iedereen zag dat het goed was
en iedereen zei dat het mooi was


Karel Scholten Wassink

 

4e Prijs Volwassenen: Theater
 
Zoals een ei- en zaadcel samen komen
Zoals een foetus in de moeder groeit
Zo wordt de kunst van klein tot groot geweven
Ontstaat een vorm, geboren in theater
 
Zoals de menselijke geest zijn creativiteit ontdekt
Zoals die geest een nieuwe schepping maakt
Waar anderen hun geest aan kunnen laven
En daar door zelf een beetje groter worden
 
Zo is theater, voor de mens een bron
Waaruit gedronken en gegroeid kan worden
Zoals een moeder voedt haar kind
Om tot volwassenheid te komen
 
Dini Vooijs


Juryrapport Gedichtenwedstrijd georganiseerd door Sectie Letteren van de Stichting Culturele Raad Papendrecht, opgesteld en voorgelezen door juryvoorzitter Piet Kaptein op 28 maart 2007.

 

Beste beoefenaars en liefhebbers van de dichtkunst,

 

Namens medejuryleden Hans Verzijl en Frans Spaanstra mag ik u verslag doen van de bevindingen van de jury, die de gedichten, ingezonden in het kader van het thema 'Theater’, als eerste mocht lezen en vervolgens moest beoordelen.
 
In het Hulthemse handschrift dat dateert uit 1410 en bewaard wordt in de Koninklijke Bibliotheek te Brussel vinden wij de zogenaamde abele spelen, waarbij abel voor ‘schoon’ of ‘verheven’ staat. Het gaat om Lanseloet van Denemerken, Esmoreit, Gloriant en het spel Vanden Winter ende vanden Somer waarin de liefde centraal staat. En dan niet de goddelijke liefde zoals bij de oudere,  geestelijke drama’s als de Bliscappen van Maria en bij het latere mirakelspel Mariken van Nieumeghen en het nog latere zinnenspel Elckerlijc, maar de hoofse liefde. Het gaat dus om wereldlijk toneel, dat wel religieuze tinten vertoont maar dat allereerst gaat over mensen die handelen zonder direct ingrijpen van bovenaf. 
Bij Lanseloet gaat het om gekwetste liefde door verschil in stand, bij Esmoreit om de zoektocht naar de ware geliefde die geschaakt is, bij Gloriant ook om een zoektocht naar de ware geliefde nadat een portret van haar getoond is en bij het spel Vanden Winter ende vanden Somer gaat het om de vraag welk jaargetijde het meest voor de liefde geschikt is. 
Al met al zouden wij kunnen zeggen dat het theater in ons land zijn roots heeft in de kerk waar liturgische drama’s de diensten moesten verlevendigen en in de hoofse liefde, dus die van de adellijke figuren. Geen wonder dus dat nu, zes eeuwen later, het theater nog vaak stukken brengt over Amor. 
En, ik kom nu bij het thema, vele gedichten gaan over de liefde voor het theater. Daarvan getuigen ook heel wat van de 35 gedichten die de sectie Letteren van de Stichting Culturele Raad Papendrecht in de voorbije maanden mocht ontvangen. 
Ik moet u bekennen dat ik aanvankelijk wat sceptisch stond tegenover het thema ‘theater’ en dat omdat ik het te beperkt vond. Maar nu de jury de oogst heeft binnengehaald past mij bescheidenheid in mijn oordeel. Velen van u vonden immers de weg naar het theater. 
Zelf associeerde ik ‘theater’ eerder met het begrip van ‘schouwspel’ en  dacht ik aan mijn gedichten die ik ooit langs de lijn maakte toen onze drie zoons tegen het edele, bruine monster aantrapten, in ploegverband o.a. op het Slobbengors. Drie ervan zijn tot hogere heerlijkheid verheven in de bundel ‘Zeg eens bal’. Ik lees ze voor.  Bladzijde 35 ‘Voetstappen’, bladzijde 56 ‘De Engelse supporter’ en bladzijde 65 ‘Dat derde doelpunt’. 
Dat het thema ‘theater’ ook anderen aanspreekt, bleek de jury uit de zoals gezegd 35 gedichten die door vier poëten onder de negentien en door 27 dichters van daarboven van heinde en verre ingestuurd werden. Van heinde, dus van dichtbij met opvallend veel uit Papendrecht en Alblasserdam, maar ook uit Boxmeer, Eindhoven, Groot Ammers en Utrecht. Drie dichters stuurden meer dan een gedicht op.  En de leeftijden varieerden van twaalf tot tachtig jaar.

 

Niet alle 35 gedichten vallen in de prijzen. Doorgaans om de doodeenvoudige reden dat de klanken van een reeks poëtische vruchten niet tot de oren van de drie juryleden doorklonken.  Deze gedichten zal, naar het zich laat aanzien,  helaas niet een lang openbaar leven beschoren zijn.

 

Wel was het een onverdeeld en groot genoegen de gedichten te lezen. Vele versregels bleven in ons hangen, of beter nog in ons rondzingen. Zo  verblijven in mijn gemoed uit binnengekomen gedichten versregels als ‘Ik voel dat ik leef beleef het leven in golven van geluk’ van Willy Haas – van Os, ’Vanavond ben jij de dromer en ik de droom’ van Angela van der Sluis, ‘In jouw huis daar was geen licht geen schemer zelfs geen duister’ van Lars Kromhout en ‘De gordijnen onverstoorbaar Lichten onaangedaan’ van Marianne van der Waals.

 

De winnende gedichten nu. Ik begin met de vier jongelui onder de negentien. Vier gedichten maakten zij en die vallen alle in de prijzen. 
Op de vierde plaats is geëindigd Nicole Munneke uit Eindhoven, vijftien lentes jong. Zij krijgt de prijs doodeenvoudig omdat zij zo’n gevoelig en persoonlijk gedicht geschreven heeft onder de titel ‘Problem Girl’. Dat begint met ‘Het meisje dat zo vaak stil is, Thuis zegt ze bijna geen woord, Weet iemand wat ze werkelijk voelt, Of blijft dat ongehoord?’ en eindigt met ‘Het meisje dat zo vaak stil is, Thuis zegt ze bijna geen woord, Voor een tijdje weet iemand hoe ze zich werkelijk voelt, Voor een tijdje wordt ze gehoord.’ Nicole heeft zich niet aan het thema gehouden, maar toch wilde de jury haar werk bekronen. Plaats drie is voor Eva Romijn van twaalf jaar uit Papendrecht. Zij maakte het gedicht ‘Mijn leven is theater’ en is er naar het oordeel van de jury uitstekend in geslaagd de dubbele act van een acteur in het theater en in de realiteit van het gewone leven te verwoorden. U zult het zo horen en dus ook haar regels ‘Als er toch iets mis gaat is dat pech Dan ben ik weer even van het podium weg.’  Plaats twee is voor Koen Smit uit Alblasserdam met zijn gedicht ‘Theater’. De jongeman van dertien verstaat de kunst in zes versregels heel veel over het theater te zeggen. Zo laat Koen de illusie van het theater als een zeepbel uit elkaar klappen. ‘Het draaiboek fluistert zachtjes zinnen’, zo laat hij weten.
Het beste gedicht van de vier is met stip ‘Wintertoneel’ van Ingeborg Klarenberg uit Boxmeer, achttien jaar tellend. Zij verplaatst het theater naar de wereld buiten en tovert met haar woorden een toneel in de winter. Zij begint met ‘Als het licht uitgaat, hangt vrieskou zich aan huizen’ en eindigt met ‘We zijn slechts figuranten in een handgeschreven boek.’ 
Bedankt jongelui voor jullie creatieve inspanningen. Het blijft echter niet bij woorden, want uit handen van sectievoorzitter Frans Spaanstra krijgen Nicole, Eva, Koen en Ingeborg straks een bon met euro’s voor boeken.
Nu de categorie volwassenen.  De jury kwam tot vier prijzen: een gedeelde derde, een tweede en een eerste. 
Dini van der Gugten-Vooijs uit Papendrecht veroverde een derde plaats met haar gedicht ‘Theater’ waarin zij de wording van het theater indrukwekkend, fraai en origineel verwoordt, ‘Zo is theater, voor de mens een bron Waaruit gedronken en gegroeid kan worden Zoals een moeder voedt haar kind Om tot volwassenheid te komen.’ Straks zult u horen hoe mooi deze versregels van Dini’s stembanden vlinderen. 
Met Dini op plaats drie arriveerde Karel Scholten Wassink uit Papendrecht en wel met het intrigerende brok poëzie ‘Huiskamertoneel’. Het gaat om een gedicht dat talloze malen gelezen kan worden en steeds weer verrast. Karel schept de illusie van het theater van het paradijs van de jeugd. Zo start hij ‘Mijn broertje is zes en is Jantje Ik acht de Verteller en verderop de prijzende lovende Vader. De plumeau naast de poepdoos van hout werd een Pruimenboom’ en hij gaat nog vele verzen door. 
Henry Vervoorn uit Papendrecht kwam met zijn gedicht Wisselend belicht’ op plaats twee. Dat Henry direct aan het water woont is in zijn poëzie heel manifest. Hij vindt het theater in het steeds majestueuze  decor van heden en verleden, water en land, rumoer en stilte. ‘Wisselend licht / fascinerend theater’, zo finisht Henry zijn bekroonde gedicht.   
De eerste plaats is voor Angela van der Sluis uit Utrecht - maar met een vriendin in Papendrecht zo schreef zij – en dat door haar sterke gedicht 'Premiere'. U moet haar veertien versregels alle horen om de schoonheid, wisselwerking en dynamiek ervan geheel te doorgronden. Het gaat Angela allereerst om de tegenstelling tussen het zijn op de planken van het theater en het zijn in het leven na de voorstelling. Ik citeerde van haar al ‘Vanavond ben jij de dromer en ik de droom’, ik voeg daar nu nog aan toe haar beginregels ‘Vanavond zal ik stralen Morgen zal mijn licht gedoofd zijn.’ Angela bedankt. 
Beste mensen, de jury was en is onder de indruk en de bekoring van de ingezonden gedichten. De kwaliteit was vaak hoog. Het thema 'Theater’ is een bron van inspiratie gebleken. Hopelijk gaan de acht geselecteerde gedichten een lang leven  tegemoet. En de andere 27 mogen van mij  ook, want wie schrijft die blijft … bezig. 
Frans Spaanstra wil jij de prijzen overhandigen aan: Nicole Munneke  4e Eva Romijn 3eKoen Smit 2e Ingeborg Klarenberg 1eDini van der Gugten-Vooijs 3eKarel Scholten Wassink 3eHenry Vervoorn 2eAngela van der Sluis 1e.

Terug

Postadres

Postbus 1112
3350 CC Papendrecht
078-7706308 (di en do)
Bezoekadres

Gemeente Papendrecht
Markt 22
3351 PB Papendrecht