Gedichtenwedstrijd 2005

 

GEDICHTENWEDSTRIJD 2005

 

De wedstrijd van 2005 had als thema "Leven aan het water". De winnende gedichten en het juryrapport vindt u hieronder.
 
1e prijs volwassenen: Bert van de Meiden, Papendrecht
 

Groeten uit Hoenderlo
Mijn vader las veel boeken, 
Zo'n honderd planken vol
We woonden aan de waterkant
In een stulp bij Ammerstol
Op zondag steeds ter kerke
- de wereld zingt God's lof -
en vader las de werken 
van J.J. Slauerhoff
Het geluk ligt aldoor ginder
Aan 't water, aan de zee
Thuis betekent: "minder"
En wij verhuisden mee.
Een halve eeuw geleden
Op Schouwen Duiveland
Hier hielpen geen gebeden
Ons huisje vloog in brand
Gedreven door de druk
Uit Slauerhoffs journaal
Zochten wij ons nieuw geluk
Aan 't Van Starkenborghkanaal
We woonden een paar weken
Vlakbij de Waddenzee
En - daarop uitgekeken -
In Dokkum, langs de Ee
Een maandje of wat later,
Werd het geluk verlegd
't Geluk lag in het water
bij Krimpen aan de Vecht
Al na een half jaartje
(We baalden allemaal)
Ging het met een vaartje
Naar Loenen aan de Waal
Vakanties gingen nooit een keer
Met vliegtuig of met trein
Nee, alle jaren weer
Zo'n rotreis langs de Rijn
Zo bleven we verkassen
Mee naar een nieuwe plek,
De Vinkeveense Plassen
en Alphen aan de Lek
Mijn jeugdherinneringen 
Een arkje op het IJ
Een woonboot op de Linge
Zo ging mijn jeugd voorbij
Het leven aan het water
Eiste een zware tol
Ik heb nog jaren later 
M'n zakken ervan vol.
Mijn waterige levensloop
Heeft veel te lang geduurd
In Hoenderlo is naar ik hoop,
Geen druppel in de buurt! 
 
2e prijs volwassenen: Lijnie Lodder, Ridderkerk
 
Schipper
Starend over de Merwede
hoofd gebogen
tussen de schouders
staat hij
leunend op zijn stok
en kijkt.
Zijn duffelse jekker
met koperen knopen
glansloos
weegt hem zwaar
Ogen tranend
door reflectie van het water
maakt nat
de diepe gelaatgootjes.
Een milde voorjaarsbries
streelt zacht de witte haren.
Hij wacht
op het moment van herinnering.
Een waterhoen
duikend in het opspattende water
van een rijnaak,
plooit om de bevende lippen
een glimlach
van herkennen
toen hij was
schipper.


(gedeelde) 3e prijs volwassenen: Janny Degoedt, Papendrecht
 
De Lek
Dierbare
herinnering
vader 
zomer
schittering
dijk 
bloemen
molens
hek
wandelen langs
de Lek.


(gedeelde) 3e prijs volwassenen: Esther Blokland, Sliedrecht
 
Reiger
Ik sta hier al een uur te vissen
Stilletjes in 't hoge riet
Op één been, dat kan niet missen
Er ligt een maaltijd in 't verschiet
En komt die eend daar mij verstoren
Laat ik mij zweven op de wind
Vlieg ik heen naar betere oorden
Waar ik een ander slootje vind
Ach, ik hoef nooit ver te reizen
Want waar ik vis daar is mijn huis
De zon zal mij de weg wel wijzen
Een reiger voelt zich overal thuis
Hier, in de polder is mijn leven
Neem ik elke dag een bad
Leef ik vredig om het even
Met kleine libel en muskusrat
 
1e prijs scholieren: Rick Janse, De Lage Waard, Papendrecht

 

Leven aan het water
Ik zit in mijn boot
en kijk over het water.
Het is heerlijk rustig
en ik denk aan later.
Wat zal ik worden,
wat zal ik doen?
Word ik gelukkig,
krijg ik veel poen?
Ach wat maakt het ook uit!
Ik geniet hier en nu in mijn schuit!
 
2e prijs scholieren: Elianne Pellegrom, De Lage Waard, Papendrecht
 
Leven aan het water
Leven aan het water,
je hoort dan vast veel gesnater,
Van eenden ganzen zwanen,
Die zwemmen in mooie banen,
Met hun praal en pracht,
Met zachte veren op de vacht,
En natuurlijk zijn er vissen,
Zouden die de zon niet missen?
Zouden ze iets horen?
Ze hebben toch geen oren?
En wat zouden ze eten?
Je komt het maar niet te weten…


3e prijs scholieren: Mandy Sepers, De Lage Waard, Papendrecht


Leven aan het water
Zoveel geluid, zoveel gevaar,
Wat zal ik doen wist ik het maar,
Lekker blijven zitten, hier warm en krap?
Ik wil eruit en wel rap,
Daar ga ik dan zo zwak en klein,
Als ik blijf zitten doet het me pijn.
Ik hoor het water klotsen,
en tegen de oever aan botsen,
Waarom weet ik wat water is?
Ik weet al veel, dat is niet mis,
Maar wat ben ik? Een pluizenbol?
Buiten hebben ze lol,
Ik breek mijn kamer open,
Ik zie pluisjes heen en weer lopen,
Overal liggen scherven,
Ik zie ze allemaal rondzwerven,
Ze zullen mij niet raken,
En dan weet ik het weer,
Ik hoor mijn moeder kwaken.


Juryrapport Gedichtenwedstrijd 2005 georganiseerd door Sectie Letteren van de Culturele Raad Papendrecht, opgesteld en voorgelezen door juryvoorzitter Piet Kaptein.
 

Geachte minnaars van de muze der dichtkunst.
Namens medejuryleden Jan Sluyters en Anton van Renselaar mag ik u verslag doen van de bevindingen van de jury die de gedichten ingezonden in het kader van het thema 'Leven aan het water', dat een knipoog wil zijn naar Papendrecht 900, als eerste mocht lezen en vervolgens moest beoordelen. 
 
 
In de 13e eeuw, dus zo'n tweehonderd jaar na de eerste officiële klanken uit het Papendrechtse, begon de waarschijnlijke dichter van de legende Beatrijs, Diederic van Assenenede, zijn Mariamirakel als volgt. Van dichten comt mi cleine bate. Die liede raden mi dat ick late ende minen sin niet en vertare.' Dus met 'Het maken van gedichten levert me weinig op. De mensen adviseren mij ermee op te houden en mijn geest niet af te tobben.' De dichter vervolgt dan met de mededeling dat hij ter wille van Maria die en moeder en maagd is gebleven toch een schoon wonder gaat beschrijven. 
 
Nu zoveel eeuwen later kunnen wij hier in de bibliotheek tegen elkaar zeggen dat het maken van poëzie materieel gewin oplevert, want over enkele minuten zullen boekenbonnen met een totale waarde van 200 euro door burgemeester De Bruin, niet te herkennen aan ketting maar aan shirt met logo, aan de makers van zeven gedichten overhandigd worden.

 
Het thema 'Leven aan het water' sprak de leden van de jury zeer aan. Om maar bij mezelf te blijven: tot nu toe woonde ik in Kralingseveer, Capelle, Boskoop en Papendrecht, dus aan de rivier. Ik zag rijnaken over de Maas steenkolen, ponten over de Hollandse Yssel passagiers, beunschepen over de Gouwe zand en duwschepen over de Merwede containers vervoeren. Velen zijn met mij gehecht aan het ruisen van de stromen, aan het ritme van de golven, aan de hartslag van het water en aan het licht op het natte. 
En dat het inderdaad velen zijn, blijkt ook uit het aantal inzendingen: maar liefst 136 gedichten vielen er in de brievenbus van de CRP: 81 van 81 brugklassers van Scholengemeenschap De Lage Waard uit Papendrecht en 55 van 43 poëten van heinde en verre. Van heinde, dus van dichtbij, zat er dik in, maar ook van ver buiten deze jarige gemeente, bijvoorbeeld uit Venlo, Voorschoten en Veldhoven, om maar bij de letter V te blijven. Een aantal dichters stuurde, zoals uit de cijfers blijkt, meer dan een dichtwerk op. 
 
 
Niet alle 136 gedichten vallen in de prijzen. Vaak om de doodeenvoudige reden dat de makers ervan zich niet aan het thema gehouden hebben. Jammer vaak, want zo heeft het gedicht van Michiel Gleisberg uit Dordrecht, elf lentes jong, wel wat, of beter heel veel. Het gedicht gaat zo: 
 
 
Liefste
Op de voetbalvelden
Tegen de avond
Kom je daar dan heen?
Dan neem ik ook wat eten mee.
Dan gaan we naar de maan,
Sterren, wolken kijken.
Maar hoe laat kom je dan?
Om zes uur ben ik daar.
Dat je de leukste bent van de wereld
En van heel Europa
En nog veel meer landen en plaatsen.
 
 
U hebt het gehoord, de thema's aller tijden uit de dichtkunst trillen in de versregels van Michiel: de botsing tussen illusie en realiteit, tussen droom en daad, zijn er twee van.
Het was een groot genoegen de gedichten te lezen. En om met de zo belezen secretaris van de CRP, 
 
Marjo van den Biggelaar, te spreken: vele versregels bleven in je hangen, of beter nog in je rondzingen. Zo verblijven in mijn gemoed uit niet bekroonde gedichten versregels als 'De weegbree kent ze niet', 'Wuivende rietkragen omhelzen witte zwanen' en 'Noordhoekse Wiel Nageboorte van een dijkdoorbraak'. 
 
 
De winnende gedichten nu. Ik begin met de brugklassers die onder stimulans van hun leraar De Nie tot een massale deelname kwamen. Ik prijs mij gelukkig in De Nie een oud-collega te hebben, dus zeg ik: bedankt Bert. Op de derde plaats is geëindigd Mandy Sepers met haar gedicht 'Leven aan het water'. Zij is er naar oordeel van de jury uitstekend in geslaagd het leven aan het water te kristalliseren in de geboorte van een jonge eend. U zult het gedicht zo horen. Plaats twee is voor Elianne Pellegrom. Zij verstaat de kunst aan het leven aan het water vragen te stellen als: en natuurlijk zijn er vissen, zouden die de zon niet missen?' Het beste gedicht van de 81 is volgens de drie juryleden dat van Rick Janse. In zijn 'Leven aan het water' weet hij het geluk van het moment van nu goed te verwoorden/ 'Word ik gelukkig, krijg ik veel poen? Ach wat maakt het ook uit! Ik geniet hier en nu in mijn schuit!', zo laat hij horen. Boekenbonnen van respectievelijk twintig, dertig en veertig euro krijgen Mandy, Elianne en Rick zo. Bedankt lui voor jullie creatieve inspanningen.
 
 
Nu de categorie niet - Lage Waarders. De jury kwam tot vier prijzen: een gedeelde derde, een tweede en een eerste. Esther Blokland uit Sliedrecht veroverde een derde plaats met haar gedicht 'Reiger'. Heel treffend weet zij het leven van de mens aan het water te leggen in het leven van de reiger ook aan het water. 'Ach, ik hoef nooit ver te reizen Want waar ik vis daar is mijn huis.', dicht zij. Met Esther op plaats drie arriveerde Janny Degoedt uit Papendrecht. In haar gedicht 'De Lek' weet zij met welgeteld dertien woorden veel te zeggen. Zeven woorden daarvan gaan zo: 'dijk bloemen molens hek wandelen langs de Lek.' Lijnie Lodder uit Ridderkerk kwam met haar gedicht 'Schipper' op plaats twee. Lijnie geeft mooie woorden aan het bestaan van een oude varensgezel. Met voor mij als climax de regels 'Een waterhoen duikend in het opspattende water van een rijnaak plooit om de bevende lippen een glimlach van herkennen'. 
 
 
De eerste plaats is voor Bert van de Meiden uit Papendrecht met zijn sterke gedicht 'Groeten uit Hoenderloo'. U moet dit gedicht in zijn geheel horen om het ten volle te kunnen waarderen. Ironie, nostalgie, hyperbool en litotes strijden hier om voorrang. Van de Meiden steekt ogenschijnlijk de draak met het zo behaaglijk wonen aan het water. Maar ik heb het idee dat hij in werkelijkheid niet zonder rivier kan. Klasse, Bert, dit vrij lange gedicht bestaande uit dertien strofen van elk vier versregels.
Beste mensen, de jury was en is onder de indruk en de bekoring van de ingezonden gedichten. De kwaliteit was vaak hoog. Het water is een bron van inspiratie, dat bleek maar weer. Hopelijk gaan de zeven geselecteerde gedichten een lang leven aan of ver van het water tegemoet. En de andere 129 ook, want wie schrijft die blijft.
 
 
Piet Kaptein.
29 januari 2005.

 

Postadres

Postbus 1112
3350 CC Papendrecht
078-7706308 (di en do)
Bezoekadres

Gemeente Papendrecht
Markt 22
3351 PB Papendrecht